10 sep Overtollige zonnestroom in je bedrijf: injecteren, opslaan of slim sturen?
Zonnepanelen op het dak van je bedrijf produceren elektriciteit wanneer de zon schijnt. Alleen valt dat productiemoment niet altijd samen met het energieverbruik van je onderneming.
Misschien ligt je productie stil tijdens de middag. Misschien produceren je zonnepanelen in het weekend volop terwijl er nauwelijks activiteit is. Of misschien is je installatie groter geworden, terwijl je verbruiksprofiel intussen veranderd is.
Wat gebeurt er dan met die overtollige zonnestroom?
In de meest eenvoudige situatie wordt ze geïnjecteerd op het elektriciteitsnet. Maar dat is vandaag lang niet de enige mogelijkheid. Je kunt energie ook opslaan, je verbruik slimmer aansturen of in bepaalde situaties energie delen tussen verschillende locaties.
Welke keuze financieel en operationeel het interessantst is, hangt vooral af van één ding: het energieprofiel van je onderneming.
Eerst even dit: wat is injectie?
Wanneer je zonnepanelen meer elektriciteit produceren dan je bedrijf op datzelfde moment verbruikt, ontstaat er een overschot. Gebruik je dat overschot niet lokaal en sla je het niet op, dan stroomt de elektriciteit naar het distributienet.
Dat noemen we injectie.
Met een terugleverings- of injectiecontract kun je voor die geïnjecteerde elektriciteit een vergoeding ontvangen. De Vlaamse Nutsregulator benadrukt daarbij dat je het injectiecontract niet afzonderlijk moet bekijken: ook de voorwaarden en prijs van je afnamecontract blijven belangrijk. Wat je betaalt voor elektriciteit die je van het net haalt, weegt doorgaans zwaarder door dan de vergoeding die je ontvangt voor elektriciteit die je injecteert.
Dat maakt een eerste controle meteen relevant:
Heb je zonnepanelen, maar weet je niet precies tegen welke voorwaarden je vandaag injecteert? Controleer dan je energie- én injectiecontract.
Dat klinkt vanzelfsprekend, maar uit de praktijk van ecoWise blijkt dat ondernemingen soms wel elektriciteit injecteren terwijl het injectiecontract ontbreekt of niet correct afgestemd is. Ook dat kan dus een eerste optimalisatie zijn.
Optie 1: de overtollige zonnestroom injecteren
Injecteren kan perfect een bewuste keuze zijn.
Heeft je onderneming slechts beperkte overschotten? Liggen productie en verbruik al relatief dicht bij elkaar? Of rechtvaardigt het resterende volume momenteel geen bijkomende investering? Dan kan injectie de eenvoudigste oplossing blijven.
Maar kijk verder dan alleen de vergoeding per geïnjecteerde kilowattuur.
Interessanter zijn vragen zoals:
- Hoeveel elektriciteit injecteer je werkelijk op jaarbasis?
- Op welke momenten ontstaan de grootste overschotten?
- Wat ontvang je daarvoor volgens je huidige contract?
- Hoeveel elektriciteit koop je op andere momenten opnieuw aan?
- Zal je energieverbruik de komende jaren veranderen door elektrificatie, laadpalen of andere investeringen?
Pas wanneer die gegevens naast elkaar liggen, kun je beoordelen hoeveel waarde er werkelijk verloren gaat of juist behouden blijft.
Optie 2: zonnestroom opslaan in een batterij
Een bedrijfsbatterij lijkt een logische volgende stap: je slaat zonnestroom overdag op en gebruikt die later wanneer je zonnepanelen minder of niets produceren.
Daardoor kan een onderneming haar zelfverbruik verhogen en minder elektriciteit van het net nodig hebben.
Batterijen kunnen bovendien voor meer worden ingezet dan alleen het opslaan van zonne-energie. Afhankelijk van de installatie en toepassing kunnen ze bijvoorbeeld helpen bij het beheersen van vermogenspieken, beperkingen van de netaansluiting of andere vormen van flexibiliteit.
Maar precies daar zit een belangrijke nuance:
een batterij is niet automatisch rendabel omdat je zonnepanelen hebt.
Ook Vlaamse haalbaarheidsstudies tonen aan dat batterijopslag die uitsluitend dient om overtollige PV-productie op te slaan niet in elke situatie financieel interessant is. Het businessmodel kan veranderen wanneer dezelfde batterij meerdere functies krijgt, maar ook dan blijven het verbruiksprofiel, de investering en de concrete toepassing doorslaggevend.
De vraag is daarom beter niet:
“Hoe groot moet onze batterij zijn?”
maar:
“Welke energiestromen willen we optimaliseren en welke oplossing past daar het best bij?”
Dat verschil is belangrijk.
Optie 3: je energieverbruik slimmer sturen
Voor je investeert in extra technologie, is het interessant om te onderzoeken of een deel van het bestaande verbruik kan worden verschoven.
Kan een bepaald productieproces bijvoorbeeld draaien op momenten waarop de zonnepanelen veel produceren? Kunnen elektrische voertuigen vooral overdag worden geladen? Kunnen koeling, pompen, compressoren, warmwaterproductie of andere installaties gedeeltelijk slimmer worden aangestuurd?
Hoe meer van de lokaal geproduceerde zonne-energie je onmiddellijk zelf kunt gebruiken, hoe minder elektriciteit je later opnieuw van het net hoeft aan te kopen.
Een energiemanagementsysteem (EMS) kan daarbij helpen. Zo’n systeem brengt productie en verbruik samen en kan verschillende installaties slimmer op elkaar afstemmen. Vlaamse projecten rond energiemanagement tonen onder meer toepassingen waarbij zonnepanelen, laadpalen en batterijen worden aangestuurd om de zelfconsumptie te verhogen en piekverbruik te beperken.
En soms blijkt uit zo’n analyse dat een onderneming helemaal geen grote batterij nodig heeft — of dat ze kleiner kan worden gedimensioneerd omdat eerst andere flexibiliteit wordt benut.
En wat als je bedrijf meerdere vestigingen heeft?
Ook dat kan het plaatje veranderen.
Heeft je onderneming verschillende aansluitpunten in Vlaanderen, bijvoorbeeld een productievestiging en meerdere kantoren? Dan kan onder bepaalde voorwaarden energiedelen met jezelf interessant zijn.
De Vlaamse Nutsregulator geeft zelf het voorbeeld van een bedrijf met vier kantoren waarbij zonnepanelen op één vestiging stroom produceren die met de andere locaties wordt gedeeld. Dat gebeurt per kwartier en is aan specifieke voorwaarden verbonden.
Het is dus opnieuw belangrijk om energie niet uitsluitend per gebouw te bekijken, maar vanuit de volledige onderneming.
Injecteren, opslaan of sturen? Begin met je verbruiksprofiel
De juiste oplossing ziet er voor elk bedrijf anders uit.
Een onderneming die vooral overdag produceert en verbruikt, heeft een ander profiel dan een landbouwbedrijf met sterk wisselende energievraag. Een kantoor met een grote laadparking vraagt een andere aanpak dan een productiebedrijf dat ook ’s nachts actief is.
Daarom begint een goede analyse niet bij zonnepanelen, een batterij of een bepaald energieproduct.
Ze begint bij data.
Hoeveel produceer je? Wanneer verbruik je? Wanneer injecteer je? Hoe hoog zijn je pieken? Welke contracten heb je vandaag? Welke installaties kunnen flexibel worden ingezet? En vooral: hoe zal je bedrijf de komende jaren evolueren?
Pas daarna kun je verschillende scenario’s naast elkaar leggen.
Kijk naar het geheel, niet naar één technologie
De energiemarkt verandert snel. Batterijen worden toegankelijker, energiemanagement wordt slimmer en ondernemingen elektrificeren steeds meer processen.
Dat creëert kansen, maar maakt investeringsbeslissingen tegelijk complexer.
Bij ecoWise vertrekken we daarom vanuit de situatie van de onderneming zelf. We bekijken het verbruiksprofiel, de productie, de energiecontracten en toekomstige plannen en vergelijken vervolgens welke maatregelen technisch én economisch zinvol zijn.
Soms is dat batterijopslag. Soms slimmer sturen. Soms je energiecontract optimaliseren. En soms is blijven injecteren voorlopig gewoon de verstandigste keuze.
Benieuwd wat er vandaag met jouw overtollige zonnestroom gebeurt en of je er meer uit kunt halen?
ecoWise helpt je om de verschillende mogelijkheden onafhankelijk naast elkaar te leggen en onderbouwd te beslissen.
Contacteer ons voor een vrijblijvende intake.